Ger Loogman, tanken, wassen, Aalsmeer,

Loogman: Grillige sfeer wassector gevolg van oververzadigde markt

Ger Loogman maakt zich druk om de huidige sfeer en de toekomst van de carwash-sector. Tips en ideeën uitwisselen is er niet meer bij. Collega’s van nu kunnen in de toekomst elkaars concurrent zijn, denkt hij. Toch wil Loogman blijven ontwikkelen en vernieuwen. Daarom heeft de ondernemer een speciale denktank opgericht, een groep van vier personen met verschillende achtergronden die eens per week samenkomt om over de toekomst van het tanken en wassen na te denken.

Loogman werd onlangs Ondernemer van het Jaar in de provincie Noord-Holland en is trots op wat hij in veertig jaar in de branche bereikt heeft. “Om zo’n prijs te winnen, voelt enorm goed. Ik wilde eerst niet meedoen, maar mensen in mijn omgeving zeiden dat ik het gewoon eens moest doen”, zegt Loogman. De rest is geschiedenis. Niet alleen won hij op lokaal niveau, hij won daarna ook de provinciale prijs in de categorie Grote Bedrijven. Met acht vestigingen heeft hij inmiddels zo’n 270 medewerkers in dienst. Een grote speler in de carwashbranche dus. Ondanks zijn succes heeft hij ook bedenkingen. Niet zozeer over zijn eigen toekomst, maar wel over die van de sector.

Verzadigde wasmarkt

Loogman denkt dat de tijd van collegialiteit in de carwashbranche is afgelopen. “Het elkaar helpen is niet meer. Vroeger gaven we elkaar veel meer tips en ideeën voor nieuwe concepten en oplossingen. Iemand die 75 kilometer verderop een wasstraat heeft, kan morgen ineens op een paar kilometer van jouw filiaal een wasstraat openen.”

De ondernemer mist de goede oude tijd een beetje, toen men in de sector vooral collega’s was en niet per se concurrent. “De waswereld is een beetje verzadigd aan het raken en dat heeft zijn effect op hoe binnen de sector met elkaar omgegaan wordt. Het is bijna vechten om de klant of om een locatie. Ook wordt de werkelijke grootte van de autowasmarkt zwaar overschat. Nederland begint een beetje vol te raken.”

Het probleem zit hem vooral in alle halleluja-verhalen die over de waswereld de ronde doen. “Zeker als je nu in deze drukke branche begint, heb je het vaak moeilijk. Iedere stad krijgt steeds meer wasgelegenheden, waardoor de rest automatisch klanten verliest. Reken uit dat je meerdere personeelsleden hebt die ook betaald moeten worden iedere dag, ook als het weer slecht is zoals de afgelopen weken en er amper klanten zijn.”

Duurder

De machines zijn volgens hem vele malen duurder dan in de tijd waarin hij begon. Dat zorgt voor een andere exploitatiebegroting. “Ik kocht in 1987 een wasstraat van 25 meter voor circa 200.000 gulden. Tegenwoordig vindt men dat de machine minimaal 50-60 meter lang moet zijn en van roestvrij staal. Zo’n machine kost nu 600.000 euro.”

Veel starters laten zich adviseren door leveranciers of door een adviesbureau. ”De prognoses en groeiscenario’s die door dit soort partijen worden voorgeschoteld zijn meestal véél te positief. Banken en privé-investeerders worden hierdoor ook verkeerd voorgelicht en op het verkeerde been gezet. Ik heb rapporten voorbij zien komen waarbij gerekend werd met 10 wassingen per jaar per auto. In de praktijk is het nog niet de helft. Het is spijtig dat het zover is gekomen.“

Ongewisse toekomst

Loogman kijkt met zijn bedrijf al flink naar de toekomst. “Heel veel mensen realiseren zich nog niet dat de toekomst verandering gaat brengen en wat dat voor onze branche zou kunnen betekenen. Wij hebben afgelopen jaar drie keer een sessie met een futuroloog gedaan en ook daaruit blijkt dat de technologische revolutie zich in een rap tempo voort blijft zetten.”

Vooral de visie van enkele autoproducenten vindt hij spannend. Carsharing en autonoom vervoer gaan ook de autowasmarkt veranderen. “Als het hele autodelen doorgaat, houd je maar een derde van alle auto’s over. Het aantal wassingen gaat dan ook flink omlaag. Ik denk dat het er inderdaad komt. Het is net als met Uber. Zij werden in het begin ook uitgelachen.”

Met het oog op de toekomst startte hij een afdeling genaamd Jumpstart. Hier praat hij met enkele jongeren uit zijn bedrijf op verschillende vakgebieden over de toekomst en nieuwe concepten. “Het is een speciaal innovatieteam. We denken samen ‘out of the box’ om te bekijken wat er moet gebeuren.” Eind van het jaar moet hier een nieuwe toevoeging voor de shop voor zijn tankstation uitrollen. Wat dan?

Schiphol

De Loogman Groep moet volgens de eigenaar nog altijd het familieverleden uitstralen. “We hebben een keuze gemaakt met z’n allen, zijn nu al heel gericht met de toekomst bezig en willen absoluut verder.” Hij denkt dat wanneer bedrijven nu niet meer op blijven letten, ze geen bestaansrecht meer hebben. De toekomst van tankstations moet volgens hem steeds meer worden gezocht in services die bij het autorijden horen.”

Op Schiphol zag hij onlangs iets dat hem verder deed denken. “Een heel breed service point voor reizigers. We moeten meer dingen rondom het autorijden verkennen. Autogerelateerd, maar ook andere diensten en natuurlijk niet te vergeten de inwendige mens. We moeten kijken naar het vervolg op Febo.” Loogman startte namelijk vorig jaar met een shop-in-shop van de snackketen, is tevreden over deze stap en noemt de samenwerking zeer succesvol.

Vroeger draaide volgens hem alles om brandstof bij een tankstation. De ondernemer kan zich nog wel herinneren dat de eerste bijverkoop kwam. Het ging destijds om olie. “Ik liep met een tasje met een kan olie en die probeerden we dan mee te verkopen.”

Legionella

Loogman die zelf voorzitter is geweest van Bovag, denkt dat het belangrijk is voor de branchevereniging om voor kwaliteit te blijven staan. De verplichte legionellacontrole is volgens hem een goede boodschap aan carwashes om de sector betrouwbaar te houden. “Bedrijven die niet bij de brancheorganisatie zijn aangesloten, kunnen gevaarlijk zijn. Er zijn best veel bedrijven die geen lid zijn. De verplichte legionellacontrole zit inbegrepen bij het lidmaatschap van Bovag. Daarom houd ik mijn hart vast bij bedrijven die het allemaal niet zo nauw met die regels nemen.”

Wanneer een keer legionella in een wasstraat vastgesteld zou worden, zou dat desastreuze gevolgen hebben, vreest hij. “We hebben met de sector jarenlang hard gewerkt om zo betrouwbaar mogelijk te zijn. Dat hele imago is heel veel sneller kwijt dan dat we het hebben opgebouwd.” In Nederland is het wat regels en controles betreft volgens hem wel aardig goed geregeld. “De kans op legionella is klein door de controles, maar natuurlijk is dat niet het enige dat in de gaten wordt gehouden.”

Concurrentie

Kijkend naar de toekomst en alle wasbedrijven die wellicht nog komen en gaan, denkt Loogman dat op het gebied van concurrentie, zijn bedrijven wel blijven. “Ik heb voorlopig helemaal geen plannen om uit te breiden. Ik blijf bij de locaties die ik nu heb en ga uit van mijn eigen kracht.” Hij ziet het wassen van auto’s nog altijd als een vak apart, een vak waarin hij zijn sporen reeds verdiend heeft.

“Al sinds mijn zeventiende zit ik in de was- en tankwereld. In die tijd heb ik dusdanig veel ervaring opgedaan dat ik wel weet dat we verder kunnen.” In de nabije toekomst wil de ondernemer blijven innoveren. Een tijd geleden introduceerde hij de Comfort Lane voor het tankgedeelte. Binnenkort wil hij daarvan een tweede update van deze Comfort Lane gereed hebben. “Er komt sowieso een nieuwe manier van betalen. Ik kan er nog niet meer over zeggen, maar gemak wordt steeds belangrijker voor de mens. Daar gaan we meer op inspelen.”

Lees ook: Fotoalbum: Loogman Tanken & Wassen Aalsmeer

Auteur: Thom Mandos

Autoliefhebber met een voorkeur voor een schone auto. Thom Mandos is vaste redacteur van vakblad CarwashPro en zo nu en dan schrijft hij voor wat andere titels van ProMedia.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.